Chaldeeërs in België

Stukje geschiedenis

Of ze zich nu identificeren als Chaldeeërs, Assyriërs of Arameeërs, één zaak hebben ze allemaal gemeen, namelijk hun liturgisch en linguïstisch erfgoed. Het zijn christenen uit het Midden-Oosten (Zuid-Oost Turkije, Irak, Syrië, Iran), die sedert het begin van het christendom het slachtoffer zijn geweest van vervolging en onderdrukking omwille van hun geloof. Na zoveel eeuwen heeft dit ervoor gezorgd dat ze vanaf de 20e eeuw op grote schaal hun thuisland zijn ontvlucht en overal in de wereld een nieuw thuis hebben gevonden.

In hun thuisland waren het christenen, behorende tot de zgn. Syrische (Syriakse) Kerken, maar eens in de diaspora hebben ze meer dan ooit de noodzaak ervaren om naast hun religieuze en kerkelijke identiteit ook hun etnische identiteit naar voren te brengen. Dit kwam doordat men zich wilde profileren als een volk. Men had de behoefte om zich wereldwijd te vertegenwoordigen, zodat men ondanks de diaspora toch nog met elkaar verbonden kon blijven.

Het zijn volkeren die geen scheiding van Kerk en staat hebben gekend, omdat ze als minderheid een Kerk hadden, maar geen staat. Het waren hun kerkelijke leiders die hun belangen verdedigden en over hun rechten hoedden.

Hun zoektocht naar hun etnische wortels heeft in de 20e eeuw echter tot veel discussie geleid waarbij er veel speculatie is geweest over wie hun echte voorvaders waren. Men is etnische linken gaan zoeken met de oude Mesopotamische volkeren zoals de Chaldeeërs, Arameeërs en Assyriërs.

Dit komt niet omdat ze louter op religieus vlak verschilden van de grootmachten waaronder ze geleefd hebben, maar omdat men zich ook niet kon associëren op taalgebied. Ze spreken namelijk een taal die eigen was aan hen en geen verband had met de talen van de grootmachten (Perzen, Arabieren, Ottomanen, Turken), maar wel met die van de oude Mesopotamische volkeren.

Ze zijn dus wel degelijk de voortzetters van deze Mesopotamische volkeren, maar wetenschappelijk kan men heden onmogelijk aantonen of ze zuivere afstammelingen zijn van enkel van één van deze volkeren. Dit heeft onderling op wereldniveau voor veel debat en onenigheid gezorgd en is in feite een politiek-etnisch-religieuze twist geworden waarover geen consensus is bereikt.

Puur theoretisch mogen we stellen dat Chaldeeërs behoren tot de Chaldeeuws-Katholieke Kerk die in unie is gegaan met de Kerk van Rome, met behoud van haar eigen ritus. Assyriërs behoren grotendeels tot de Assyrische Kerk van het Oosten en deels ook tot de Oude Kerk van het Oosten en enkele protestante kerkgemeenschappen. Arameeërs behoren tot de Syrisch-Orthodoxe en Syrisch-Katholieke Kerk. Naast deze Kerken zijn er nog enkele andere aftakkingen die tot de Syrische Kerken behoren, zoals de Maronitische Kerk, de Melkitische Kerk etc.

Het is echter zo dat er in het begin van de 20e eeuw nationalisten waren die één naam wilden plakken op al deze groepen, namelijk de Assyrische benaming. Een benaming die terug in gebruik is gekomen na archeologische opgravingen in Noord-Irak, waarbij er spectaculaire zaken van het oude Assyrische Rijk ontdekt zijn (midden 19de eeuw).

Deze benaming werd op grote schaal gepropageerd en is door vele van deze christenen aanvaard geweest en werd vooral gebruikt door de Chaldeeuwse Nestorianen (christenen van de Kerk van het Oosten die niet katholiek waren geworden). Later heeft de niet-katholieke aftakking van de Kerk van het Oosten
de benaming Assyrisch overgenomen. De Chaldeeuwse benaming, die officieel terug in gebruik is genomen sedert de 15e eeuw, verloor haar nationaal karakter hierdoor en is men enkel nog blijven gebruiken voor de katholieke christenen van de Chaldeeuwse Kerk.

De Aramese benaming is voornamelijk gebruikt door de christenen van de Syrisch-Orthodoxe Kerk als reactie op het Assyrisch nationalisme, maar heeft ook in grote mate geschiedkundige redenen.

Het zijn wel degelijk etnische benamingen/identiteiten van de oude Mesopotamische volkeren. Vandaag bestaan alle drie benamingen naast elkaar en zal helaas geen een van de drie kunnen dienen om al deze groepen te benoemen. Simpelweg omdat ze niet door elkaar aanvaard worden.

 

Situatie Mechelen, Brussel en Antwerpen.

Algemeen

In Mechelen en omstreken is dit verhaal niet anders. De mensen die we vandaag kennen als Assyriërs zijn in grote mate Chaldeeërs en Arameeërs/Syrisch-Orthodoxe. in België zijn er nauwelijks Assyriërs die tot de Assyrische Kerk behoren.

In de praktijk daarentegen identificeren ze zich als Assyriërs omwille van de bekendheid van de term of omwille van de overtuiging dat ze etnische Assyriërs zijn van het oude Assyrische Rijk (Assyrisch nationalisme 20e eeuw). Vele Chaldeeërs identificeren zich in hun moedertaal als ‘Keldayé’ (=Chaldeeërs), maar in het Nederlands als Assyriërs. Om maar een idee te geven van de aantrekkingskracht van het Assyrisch nationalisme.

Er wordt vaak de theorie gebruikt dat ‘Chaldeeuws’ een religieuze stroming is en men Assyrisch is op etnisch vlak. Een theorie die niet gefundeerd is en ook deel uitmaakt van de Assyrische propaganda. ‘Chaldeeuws’ is namelijk geen godsdienst, maar zoals hierboven vermeld ook de identiteit van een oud volk uit Mesopotamië. Deze term werd gebruikt als nationaal label voor de christelijke minderheidsgroep in Mesopotamië die de Kerk van het Oosten vormde. Geschiedkundige redenen lagen aan de basis voor het officieel weder in gebruik nemen van deze etnische identiteit.

 

Kerkelijk

In Mechelen zijn er vandaag twee Chaldeeuws-Katholieke parochies. Ze vieren hun misvieringen in de Sint-Pieter-en-Paulkerk en in de Sint-Libertuskerk.

Tot de Chaldeeuwse parochie van de Sint-Pieter-en-Paulkerk behoren voornamelijk katholieke christenen vanuit het dorp Hessana (Turkije) en deze parochie wordt geleid door priester Suleyman Oz.

Tot de Chaldeeuwse parochie van Sint-Libertus behoren de katholieke christenen vanuit de dorpen Herbul, Geznakh en Bespin (Turkije) en deze parochie wordt geleid door priester Idris Emlek.

Het wordt vanuit de Chaldeeuwse Kerk betwist dat er twee Chaldeeuwse parochies dienen te zijn in Mechelen en nog meer dat deze verdeeld worden over de voormalige christelijke dorpen, wat op zich niet bevorderend is. Vóór 2005 was dit niet het geval en was er maar één Chaldeeuwse parochie in de Sint-
Pieter-en-Paulkerk, geleid door Mgr. Antun Göral. Hiertoe behoorden al de katholieke christenen afkomstig van Herbul, Hessana, Geznakh en Bespin.

In 2005 heeft de Chaldeeuwse Kerk priester Suleyman Oz vanuit Marseille naar Mechelen overgebracht om aldaar de Chaldeeuwse parochie te leiden. Op deze manier is er echter naast de Chaldeeuwse Sint-Pieter-en-Paul parochie een bijkomende Chaldeeuwse parochie gesticht, wat initieel niet de bedoeling was. In feite is dit de eerste verdeeldheid die gecreëerd is geweest binnen de Chaldeeuwse gemeenschap in Mechelen. Priester Suleyman Oz, een priester uit het dorp Hessana, leidde vanaf deze periode de Chaldeeuwse parochie in de Sint- Katelijne Kerk, waartoe voornamelijk de christenen uit Hessana behoren.

De Chaldeeërs uit Herbul, Geznakh en Bespin hebben hun parochie verder gezet, onder leiding van priester Antun Göral, die ook de Chaldeeuwse parochies leidde in Brussel (voornamelijk Chaldeeërs uit het dorp Bespin/Turkije) en in Antwerpen (voornamelijk Chaldeeërs uit Geznakh/Turkije). In Mechelen is er dan onder leiding van priester Antun Göral ook een Chaldeeuws gemeenschapshuis gesticht in 2005, namelijk de ‘Vereniging van de Chaldeeuwse Kerk’ (Nekkerspoelstraat). Deze staat bekend als het gemeenschapshuis van de dorpelingen uit Herbul, Geznakh en Bespin die in Mechelen leven.

In 2010 is er een Chaldeeuwse priester gewijd, afkomstig uit het dorp Herbul, Idris Emlek. Hij heeft de parochie van Sint-Pieter en Paul verder gezet in samenwerking met priester Antun Göral. Wegens renovatiewerken van de Sint- Pieter-en-Paulkerk is deze parochie verhuisd naar de Sint-Libertus Kerk. Priester Idris Emlek is aangesteld geweest voor de stad Mechelen, ondanks dat priester Suleyman Oz dit ook was sedert 2005. Na het beëindigen van de renovatiewerken in de Sint-Pieter-en-Paulkerk is de parochie van Suleyman Oz in de Sint-Katelijne Kerk verhuisd naar de Sint-Pieter-en-Paulkerk.

Omwille van de ouderdom en gezondheidsredenen is men vanaf 2012 vervanging beginnen zoeken voor priester Antun Göral voor de parochies Brussel en Antwerpen. In 2012 is er voor de stad Antwerpen een nieuwe priester aangeduid, namelijk pater Paulus Sati. Hij heeft de parochie in Antwerpen verder gezet.
Voor de Chaldeeuwse parochie in Brussel heeft men priester Musa Yaramis aangeduid, die reeds jaren hiervoor tot priester gewijd was voor België maar omwille van persoonlijke redenen zijn priesterambt enkele jaren op inactief had gezet.

Vanaf 2012 heeft men in België dus vier aparte Chaldeeuwse parochies, elk geleid door een andere priester. In Mechelen zijn dat er twee gebleven. Reden dat beide priesters in Mechelen zijn aangebleven was de onenigheid tussen de christenen uit Herbul en Hessana. Op deze manier zijn de Mechelse parochies verdeeld gebleven op vlak van het dorp waaruit men afkomstig was. Priester Antun Göral is uiteindelijk in november 2013 gestorven.

Los van de Chaldeeuwse christenen uit Turkije (Herbul, Geznakh, Bespin en Hessana) zijn er ook aanzienlijk veel Chaldeeuwse en Aramese christenen uit Irak en Syrië die ook behoren tot de verschillende Chaldeeuwse, Syrisch-Orthodoxe en Syrisch-katholieke parochies in België.

Buiten de twee Chaldeeuwse parochies in Mechelen is er sinds enkele jaren nog een derde parochie ontstaan in Mechelen, namelijk de Assyrisch Christelijke Gemeenschap Beth-El. Deze parochie behoort niet rechtstreeks tot een Kerk, maar heeft haar eigen autonomie en visie. De benaming Assyrisch is hier
gekozen omwille van de bekendheid van de term en de overtuiging en niet omdat deze behoort tot de Assyrische Kerk van het Oosten. Deze parochie heeft een eigen kerk, die ook dient als gemeenschapshuis (Hertstraat). De mensen die hiertoe behoren zijn voornamelijk christenen uit Hessana. Los van de bovengenoemde parochies in Mechelen is er ook een aanzienlijk deel christenen uit Hessana die protestants zijn.

 

Gemeenschapshuizen

Naast het Chaldeeuws gemeenschapshuis van de Sint-Libertus parochie en het Assyrisch gemeenschapshuis van Beth-El (Huis van God) zijn er nog twee andere: Beth Hessana en Vlaams-Assyrisch Huis. Beth Hessana focust zich op de bredere gemeenschap met respect voor de Assyrische, Chaldeeuwse en Aramese identiteiten. Hun hoofdactiviteit is voedselbedeling.

Vlaams-Assyrisch Huis (Generaal de Ceuninckstraat) is een initiatief van een negental christenen uit Hessana, gebaseerd op een clansysteem van het dorp Hessana.

 

Verenigingen

Hierboven hebben we het gehad over de gemeenschapshuizen, waar telkens een vereniging aan gekoppeld is. Er zijn nog andere verenigingen actief in België, die los staan van de bestaande gemeenschapshuizen.

ACOM is een vereniging die echter al sinds 1994 bestaat. Deze vereniging is gesticht onder de naam ATOR (neo-Aramees voor Assyria). Daar deze vereniging bedoeld was voor de ganse gemeenschap in Mechelen (dorpelingen uit Hessana, Herbul etc.) hebben er dorpelingen uit Herbul geijverd om de naam te wijzigen naar ACOM (Assyrische-Chaldeeuwse Organisatie Mechelen). Dit heeft ervoor gezorgd dat de Assyrisch gezinde personen (dorpelingen uit Hessana) uit deze vereniging zijn gestapt en de vereniging een slapende vzw is geworden die zich

nog wel heeft ingezet op administratief vlak. Sinds 2015 is de vereniging terug actief geworden en heeft het omwille van de uitsluiting van de Chaldeeuwse naam haar naam veranderd naar ‘Actief Chaldeeuwse Organisatie Mechelen’. ‘Chaldean League Belgium’ is een internationaal overkoepelende Chaldeeuwse
organisatie die gesticht is op initiatief van de Chaldeeuwse Kerk onder leiding van de patriarch Louis Raphael I Sako. De hoofdzetel bevindt zich in Irak en in alle landen met grote Chaldeeuwse gemeenschappen is er een filiaal (in sommige landen zijn er meerdere filialen) van de Chaldeeuwse Liga.

 

Verwarring over de benamingen

Zoals eerder vermeld, is er in België geen Assyrische parochie behorend tot de Assyrische Kerk van het Oosten.

Toch is men deze benaming ook gaan hanteren voor de Chaldeeërs en de Arameeërs, als gevolg van het Assyrisch nationalisme. Het Assyrisch nationalisme is in België voornamelijk in Mechelen gepropageerd geweest. Deze propaganda is vaak door personen met politieke belangen gevoerd, met gebrek aan respect voor de bestaande kwetsbare identiteiten.

De Assyrische benaming is zodanig gepropageerd in de Nederlandstalige gebieden (Antwerpen-Mechelen) dat deze een grote bekendheid geniet in deze steden. De tegenstrijdigheid van deze benaming is echter groot, want Chaldeeërs identificeren zich in de moedertaal als Chaldeeër (Keldaya) en niet als Assyriër (Atoraya).

Het merkwaardige is dat de Chaldeeuwse gemeenschap in Brussel zich, zowel in haar moedertaal als in het Frans (Chaldéen), identificeert als Chaldeeër. Vele dorpelingen uit Hessana zijn zich echter in hun moedertaal ook beginnen identificeren als Assyriër (Atoraya), hoewel ze dit in Turkije nooit deden. De
naam ‘Chaldeeuws’ is in Hessana nooit echt populair geweest, omdat dit voornamelijk gelinkt werd aan de Katholieke Kerk en er in dit dorp sprake was van zowel katholieken als protestanten (invloed van de protestantse missionarissen in de 18e eeuw). Er is zelfs een periode geweest dat er drie priesters in het dorp aanwezig waren: een Syrisch-Orthodoxe, een Chaldeeuwse en een protestantse priester.

De Assyrische propaganda heeft de dorpelingen uit Herbul en Geznakh de afgelopen jaren zodanig beïnvloed dat ook hier mensen zich in hun moedertaal zijn beginnen identificeren als Assyriër met de overtuiging van de valse bovenvermelde theorie, die een onderscheid maakt op religieus en etnisch vlak.
Dit allemaal maakt dat de reeds kwetsbare identiteit van de Chaldeeërs nog kwetsbaarder wordt en dat het haar waarde dreigt te verliezen.

De toekomst van de Chaldeeuwse identiteit ligt echter in de handen van de Chaldeeërs zelf. Het is dan ook aan hun om terug de juiste waarde te hechten aan hun identiteit en deze te bewaren, met respect voor de andere identiteiten.