Pater Paulus Sati neemt afscheid van Mar Jacob parochie in Antwerpen

Er is een tijd van komen en er is een tijd van gaan. Afscheid nemen is nooit gemakkelijk en al zeker niet van een persoon die zijn leven wijdt aan het volk.

Pater Paulus Sati, broeder bij de Redemptoristen werd in 2010 tot priester gewijd voor de Chaldeeuwse Kerk. De afgelopen zes jaar heeft hij zijn priesterambt met hart en ziel in Antwerpen (België) en in Luxemburg uitgeoefend. In september 2018 vernam hij het nieuws dat hij na 6 jaren priesterschap in de Chaldeeuwse parochie Mar Jacob te Antwerpen gepromoveerd werd tot patriarchale procurator voor het Chaldeeuwse bisdom in Egypte.

Dit bracht bij de parochianen en al de Belgische Chaldeeërs, die hem lief hadden, gemengde gevoelens met zich mee. Enerzijds blijdschap voor zijn promotie, anderzijds verdriet omwille van zijn vertrek.

Onder zijn leiding is de Mar Jacob parochie uitgegroeid tot een fantastische parochie met uitstekend opgeleide misdienaars, subdiakens, een vrouwenkoor, een rozenkrans groep etc.

Hij is een Chaldeeër in hart en nieren, maar in de eerste plaats een mens die de christelijke waarden hoog in het vaandel draagt en ze ook heel zijn leven heeft toegepast.

Voor de Chaldeeuwse gemeenschap in België is dit een groot verlies, maar voor de Chaldeeuwse Kerk zal hij een enorme aanwinst blijven.

In naam van de hele Chaldeeuwse gemeenschap in België willen wij vanuit het platform Chaldeeërs in België pater Paulus Athil Sati hartelijk bedanken en hem heel veel succes wensen in zijn verdere carrière.

Chaldeeuwse vrouw reist de wereld rond in de strijd tegen armoede

Waar jouw passie en de behoeften van de wereld elkaar kruisen, ligt het pad van innerlijke groei. Een inspirerende spreuk die een jonge Chaldeeuwse vrouw uit Mechelen drijft om de wereld mee te helpen verbeteren. De 29-jarige Sonja Kareman reist de wereld rond om tegen de armoede te strijden, een taak die haar op het lijf geschreven staat. Ze put haar energie uit haar geloof en uit de dankbaarheid die ze ontvangt. Hieronder haar ervaringen die ze zelf heeft neergepend, een verhaal van broederlijk delen.

 

Sonja Kareman

Elk klein wezen heeft dromen, grote of kleine, soms realistisch en dan weer onrealistisch, maar toch groeiend. In mijn grote droom als jong meisje lag er in de verte een bergtop die schitterde in de zon, een samenleving waar plaats was voor iedereen, ongeacht wie je bent en wat je hebt. In die grote droom fietste ik richting mijn toekomst, met een rugzak bij de hand ging ik op pad in dit leven. De weg was lang, en niet vanzelfsprekend. Vaak moest ik halt houden, tijd en ruimte nodig om alle vernieuwingen en veranderingen een plaats te geven. Het was een weg die ik samen opging met mijn familie en God, die me de “ware Sonja” hebben leren ontdekken. Het vertrouwen in mezelf heb ik opgebouwd doorheen de levenservaringen, vriendschap met mensen in nood, die in mijn leven zijn gekomen en zijn heen gegaan maar een diepe spoor van wijsheid en warmte hebben achtergelaten.

 

Ik studeerde sociologie in functie van deze droom die steeds grensverleggend vorm kreeg.  Tijdens deze studie volgde ik een intensieve animatieopleiding en vertrok als 20-jarig meisje voor 3 maanden naar het buitenland om vrijwilligerswerk te verrichten bij projecten voor mensen in nood: Hongarije, Spanje en Frankrijk. Vastberaden keerde ik huiswaarts om die grote droom waar te maken. De inzet voor kinderen, jongeren, ouderen, intrigeerde me en dit werd de leidraad in mijn leven. Stilaan besefte ik ook dat dit een roeping is van de Heer die je vanbinnen voelt om steeds een nieuw levenspad te bewandelen. In gebed en verbondenheid met de Heer, voel ik de roeping concreet en weet ik waar de Heer me naartoe wil leiden. Met passie, vertrouwen en enthousiasme geef ik steeds kleur aan deze roeping én ga ik er ook voor. Ook al ben je jong, ongetrouwd én een meisje, het vuur in je is zo tergend én brandend. Ook deze roeping kwam er in 2018; een roeping die ik niet kon weerstaan… want Hij heeft me geleid van Europa tot zelfs naar Afrika.

 

In de zomer en in het najaar van 2018 heb ik de eer gehad om enkele maanden te mogen helpen als vrijwilliger in Kroatië en Afrika. Twee verschillende projecten, twee verschillende landen én twee verschillende doelgroepen. Een genade, een innerlijk groeiproces en een dankbaarheid zijn slechts enkele vruchten die ik heb mogen plukken.

 

In Kroatië heb ik me mogen inzetten voor kinderen met een beperking. Het waren intensieve weken van organiseren, aftoetsen en innerlijk groeien. Alle kinderen, klein en groot, rolstoelgebonden of al fladderend, van geen besef tot inzicht. Het verliep spontaan en de kinderen en jongeren genoten er met volle teugen van. Zo herinner ik me levendig onze grote activiteit waarbij de kinderen verschillende activiteiten konden uitvoeren, ze kregen dan een sticker op elk eiland die werd geplakt op hun kaartje. Op het einde kregen ze een medaille. Ontroering was dan ook wanneer één van de kinderen het kaartje met de 5 stickers en de medaille meeneemt naar zijn slaapkamer; het kaartje onder zijn kussen legt en het dekbedovertrek erover trekt zodat niemand het zou meenemen. Dit was het verschil maken voor hen, dit was het gevoel dat we als vrijwilligers er mogen zijn. Deze kinderen vragen niet om de grootste dingen. De vriendschap en er fysiek aanwezig zijn, is voor hun al meer dan voldoende. Als ze dan een herinnering kunnen bijhouden is het alsof de Sint bij hen is langs geweest.

 

Na Kroatië schitterde die bergtop richting Afrika. Gepakt en geladen vertrok ik met een groot sponsorbudget, enthousiasme en vooral veel goesting richting Tanzania. Ik heb de kans gehad om me in te zetten voor het project Beyond Child Smile. De weken zijn voorbijgevlogen en het was een leerrijke ervaring, zowel de renovatie als het onderwijsgegeven. Bij aankomst in Tanzania wist ik niet zo goed wat er mij te wachten stond.

 

Het project Beyond Child Smile zet zich in om het onderwijs in Ilboru te verbeteren, zowel op kwalitatief/inhoudelijk vlak als op infrastructuur. Daar we een groot sponsorbudget mee hadden genomen vanuit België, hebben we heel wat kunnen verwezenlijken in een overheidschool waar enkel de allerarmsten naar toe gaan. Zowel de voorgevel als alle klaslokalen werden onder handen genomen. Er werd geschuurd, bepleisterd, gemetst, gyroc aangelegd en een grondige verflaag aan gegeven. Er werd een volledige moderne en veilige keuken gebouwd en geïnstalleerd. Daar waar voordien de keuken een oude schuur was en de rook in de klaslokalen binnendrong, is het nu aangepast en veilig gebouwd zodat de rook langs een pijp naar boven gaat. Alsook hebben we de waterleiding geopend zodat de schoolgaande kinderen zuiver drinkbaar water kunnen drinken op school. Elektriciteit werd aangelegd. Ook kregen alle ramen degelijk glaswerk zodat de kinderen beschermd worden tegen de koude in de winter en tegen het stofzand in de zomer. De renovatiewerken hebben hun vruchten afgeworpen. De zovele schoolgaande kinderen hebben nu een aangename omgeving om de wijsheid der leven bij te leren.

 

In de namiddag werden we ingeschakeld om les te geven, in de bijschool, aan de kinderen uit de wijk. Voornamelijk wiskunde en Engels. De klassen zijn onderverdeeld in 7 klassen. Er komen een 100-tal kinderen, in armoede. Het doel van deze bijschool is om de kinderen van straat te houden én tegelijk te ondersteunen in hun schoollessen. Vaak komen ze langs met huiswerk die ze al dan niet goed begrijpen of voor extra oefeningen zodat het op school vlotter zou verlopen. Voor deze bijschool hebben we eveneens het sanitair gebouwd zodat de kinderen op een degelijke manier naar toilet kunnen gaan, alsook een beamer en luidsprekers aangekocht om de lessen interactiever te kunnen geven. Na afloop van de lessen kon je met de kinderen heel wat speel – en knutselwerk organiseren zoals kringspelletjes, basketbal, voetbal, dansen, springen, etc. Dit was verrijkend en grensverleggend. Met weinig tot geen speelmateriaal, zijn deze kinderen erin geslaagd om me toch wijsheid mee te geven. Het grote zien in het weinige én het kleine zien in de rijkdom. Met materiaal dat bij elkaar werd gesprokkeld, hebben we een bal gemaakt. Een springtouw werd in elkaar geknutseld van een tuinslang die we ergens op straat vonden. Er werd gedanst en gezongen, met de nodige Afrikaanse toeters en bellen. Het gesponsorde schoolmateriaal heb ik op de laatste dag mogen uitdelen per klas, per kind. De glimlachen van de kinderen waren voldoende om te beseffen dat dit hen zo gelukkig heeft gemaakt.

 

In beide projecten hebben de kinderen me de waarde van onvoorwaardelijke vriendschap geleerd. Ze hebben me geleerd om de tranen van schaamte (omwille van ons goed leven) te doen opdrogen door hun glimlach, hun dankbaarheid. Ze zijn een regenboog waarbij elke kleur van hun glimlach, ons elke dag steeds meer heeft verwarmd. Ze hebben ons geleerd om de dingen los te laten en de zaken te accepteren zonder al te veel vragen en te geloven in elke dag die komt. Ze keken niet in de toekomst of in het verleden, ze keken naar het heden, naar onze aanwezigheid en plukten de vruchten van elke dag dat we er waren.

 

De noden waren merkbaar in de kleine dingen, in kleine vragen en kleine behoeften, maar die zo belangrijk zijn voor hen. Ze zijn zo gelukkig met kleine dingen en leren je naar waarde schatten. Van het klein beetje aandacht, maken ze er een rijkdom van. Hun nederigheid, hun dankbaarheid en hun kwetsbaar gelaat brengen je terug naar je innerlijk fundament. Ze zijn zo waardevol. Je inzetten voor de ander is een mooi initiatief waarbij je je ook inzet voor je eigen groeiproces. Zij zijn je dankbaar voor wat je waarmaakt, maar ook ik ben hen dankbaar voor deze genade en levenswijsheid. Deze vriendschap met jong en oud vergroot namelijk mijn solidariteit en dat is wat me ook vandaag blijft inspireren en mijn passie vergroot. Ik ben vreugdevol als ik de jongeren en ouderen zie glunderen na elk project. Ze staan bewuster bij het leven maar het brengt ook een emotionele bewogenheid met zich mee. Ze verzachten de ruwheid van het leven waarmee we soms geconfronteerd worden. Zo intens, zo verrijkend en zo genadevol.

 

Van andere mensen hoor ik vaak dat ik sociaal ben, een vlotte prater, een doorzetter en mensen wil helpen die het moeilijk hebben. Dit ben ik slechts geworden doorheen mijn vrijwilligerswerk, studies, familie én God! Ik heb een netwerk aan vrienden opgebouwd, dankzij God heb ik mezelf uitgedaagd en gedurfd om voor mijn dromen te gaan. Ik ben wie ik ben: gelovig, babbelend en een hart voor de mensen in nood. Het geluk zoek ik in de kleine dingen, wat me tot het grote geluk zal brengen: bij God thuiskomen. Een ding weet ik: dankzij mijn familie, mijn keuze voor God en inzet voor mensen in nood, krijg ik iets wat ik niet verdien: de GENADE van de Heer!

 

In wezen zijn we met elkaar verbonden en verdient ieder een leven vol warmte, vreugde en geluk. Ik ben iemand die graag nieuwe ideeën ontwikkelt, deze wil realiseren en mensen wil aanzetten om tot de kern van het hart te komen: “een glimlach toveren op een gezicht van iemand die vertoeft in een “donkere levenstunnel” hetzij door ziekte hetzij door armoede hetzij door eenzaamheid”.  Ik geniet van nieuwe uitdagingen en flexibele projecten. Samen op stap gaan en door het donker, dat lichtpunt te blijven doen branden. Doe je ook mee?

Chaldeeërs in België in actie om hun eetcultuur te bewaren

Voor de derde keer op rij hebben leden van ACOM en Chaldean League Belgium hun eetcultuur mogen presenteren op de Grote Markt van Mechelen tijdens de autoloze zondag van 16 september 2018. Zoals de voorgaande jaren waren het weer de diverse Mesopotamische kazen en het ambachtelijk brood die de mensen konden proeven.

Een cultuur bestaat uit verschillende aspecten zoals taal, klederdracht, folkloredans, tradities, erfgoed etc. Ook eetgewoontes maken hier deel van uit. Dat beseffen deze ijverige Chaldeeërs maar al te goed en daarom willen zij het verschil maken door hun cultuur te beschermen en voort te zetten voor de volgende generaties Chaldeeërs.

En dat is maar goed ook, want wat is een cultuur als men de inhoud ervan niet meer kent en niet meer beleeft? In dat geval blijft het bij een naam en dreigt de cultuur beetje bij beetje verloren te gaan.

Ook binnen de Chaldeeuwse gemeenschap is dit niet anders. Vandaag de dag is het slechts de oudste generatie Chaldeeërs die het ambachtelijk brood en kaas nog weet te maken en dit wordt helaas nauwelijks doorgegeven. Het is dan ook geen gemakkelijk proces en jongeren tonen hier geen grote interesse in. Tijdsgebrek is vaak een reden, maar voor dergelijke zaken is er in de hedendaagse samenleving nooit tijd en wordt er zo ook geen aandacht aan besteed. En toch is het van belang dat de jongste generatie dit meeneemt en doorgeeft, want zoals men zegt “men weet pas wat men mist als het er niet meer is”.

Chaldean League Belgium en Actief Chaldeeuwse Organisatie Mechelen, afgekort ACOM, zijn Chaldeeuwse organisaties die zich inzetten om het Chaldeeuwse volk en haar cultuur op de kaart te zetten in de diverse samenleving in België. Hun geëngageerde leden maken in hun druk leven met veel liefde de tijd vrij die hiervoor nodig is. Ze halen hun voldoening uit het feit dat de volgende generatie dit allemaal nog meekrijgt en de cultuur zo blijft voortleven.

Kardinaal Sako: Iraakse christenen, gevangen tussen overleving en migratie

In een brief herinnert de Chaldeeuwse primaat zich aan het lijden en de vervolgingen van de gemeenschap in het laatste decennium. Hij pleit voor toekomstige “garanties” en een “gemeenschappelijke basis” op basis van gelijk burgerschap. De uitdaging van emigratie kan alleen worden verslagen door het herstellen van een sociaal en politiek weefsel om het leven opnieuw op te bouwen.

Bagdad (AsiaNews) – Christenen en andere Iraakse minderheden hebben “garanties” nodig om te overleven en een “gemeenschappelijke basis” om te bouwen op basis van “burgerschap, en niet religie of doctrine”, schrijft de Chaldeeuwse primaat, kardinaal Louis Raphael Sako in een bericht gepubliceerd op de website van het Chaldeeuws patriarchaat en naar AsiaNews gestuurd voor informatie. De kardinaal waarschuwt dat de “verslechtering” van de veiligheid in de afgelopen 13 jaar, inclusief ontvoering, losgeld, moord, vernietiging van huizen en eigendommen, heeft geleid tot een geleidelijk “verlies van vertrouwen” onder christenen, die gedwongen zijn te emigreren.

Vandaag is het echter meer dan ooit belangrijk om het sociale en politieke weefsel opnieuw op te bouwen en een toekomst in hun land van herkomst te garanderen, waaraan zij in het verleden “zeer belangrijke bijdragen” hebben geleverd op “economisch, sociaal en cultureel” vlak.  Hieronder de volledige tekst van het bericht van Patriarch Sako. Een vertaling uit het oorspronkelijke Arabisch.

In dit artikel wil ik ingaan op de belangrijkste redenen waarom christenen enerzijds moeten blijven in hun thuisland, dat wil zeggen Irak, of anderzijds om het te verlaten en te emigreren. In ieder geval wil ik mijn bezorgdheid uiten over de huidige en toekomstige situatie van ons land.

Allereerst moet worden opgemerkt dat christenen een origineel volk in Irak zijn, en geen immigrantengemeenschap die van een andere planeet is gekomen. In feite dateren de wortels van Iraakse christenen uit de eerste eeuw na Christus, terwijl hun etnische afkomst duizenden jaren geleden teruggaat, zijnde afstammelingen van Chaldeeërs, Assyriërs, Syriërs en Arabieren.

Gedurende hun lange geschiedenis hebben christenen hun land op een zeer beslissende en invloedrijke manier gediend op alle niveaus, inclusief economisch, cultureel en sociaal. Ze zijn ervan overtuigd dat Irak hun land van oorsprong is en een integraal onderdeel van hun identiteit is, en dat ze een fundamenteel onderdeel vormen van de verschillende componenten van de samenleving.

Daarom weigeren ze gemarginaliseerd te worden wat betreft hun lidmaatschap van het land en het Iraakse volk. En ondanks alles wat er in Irak is gebeurd, verlangen christenen, vanuit de diepte van hun hart en voor allen, vrede, stabiliteit, echte gelijkheid, echte erkenning van burgerschap, vrijheid en waardigheid.

 

De redenen die voor immigratie zorgen

 

Iraakse christenen hebben langdurige sociale en politieke druk weerstaan ​​en worden behandeld als een onbeduidende minderheid en tweederangsburgers. En natuurlijk doet deze manier van behandelen hen pijn. We hoeven alleen maar terug te denken aan al het lijden van de christenen tijdens de oorlog tussen Iran en Irak, de bezetting van Koeweit, het 13 jaar durende embargo, de val van het regime in 2003 en het falen van opeenvolgende regeringen om de basis te leggen voor een nationale staat en een cultuur van burgerschap en gelijkheid te consolideren.

Integendeel, sektarisme en tribalisme zegevieren, die gebaseerd zijn op de bescherming van slechts groepsleden, de verspreiding van een religieuze prediking gebaseerd op fundamentalisme, die verwijst naar oude concepten om geweld te rechtvaardigen, hoewel religie gebaseerd zou moeten zijn op genade, acceptatie van de andere, en een respectvolle houding tegenover iedereen.

Bovendien hebben de verslechtering van de veiligheidssituatie in de afgelopen 13 jaar en de gevolgen ervan, zoals de reeks ontvoeringen, losgeld, moorden, bomaanslagen en inbeslagnemingen van huizen en eigendommen, ertoe geleid dat christenen het vertrouwen hebben verloren en al hetgeen wat hen dwong om alles achter te laten en te migreren en zo hopen op een betere toekomst.

Maar de echte schok was de invasie van de Islamitische Staat “Daesh” en de verovering van de stad Mosul en het hele grondgebied van de vlakten van Nineveh in 2014, en het wegjagen van de christenen (ن). Het symbool: (ن: Nazareners), geplaatst op de huizen en eigendommen van christenen in Mosul en in de vlakten van Nineve, is door Isis nu het symbool geworden van de antichristelijke vervolging van vandaag.

In werkelijkheid had de Islamitische Staat drie keuzes aan christenen gegeven: bekering tot de islam, betaling van een belasting voor zogenaamde bescherming (jizya-dhimma), of gedwongen en onmiddellijke uitzetting van hun land, anders zouden ze zijn gedood. En helaas heeft Daesh christelijke monumenten en symbolen gewist in Mosul, zowel antieke als moderne.

Direct na de val van het regime van Saddam Hussein begonnen enkele lokale politieke krachten onderling een conflict te vormen om de christelijke steden en dorpen van de vlakten van Nineveh te domineren, met als doel de demografische kaart van dat gebiedopnieuw te ontwerpen voor hun eigen belangen.

De militaire barrière die de christelijke stad Batnaya scheidt (onder de controle van het Iraakse leger en de sjiitische milities) van die van Telesqof en Alqosh ook christelijk (onder de controle van de ‘Peshmerga’ strijdkrachten van de autonome regio Iraaks Koerdistan) is het concrete bewijs van dit conflict. Deze barrière is zelfs vandaag niet verwijderd, ondanks de beloften die gedaan zijn om het te verwijderen van zowel de autoriteiten in Koerdistan als de Iraakse regering.

Internationale organisaties hebben ook christenen aangemoedigd om te emigreren en bieden hen alle ondersteuning en hulpmiddelen om dit te doen. Ook de westerse massamedia heeft hier een aandeel in gehad door herhaaldelijk te melden dat er binnen vijf of tien jaar geen christenen meer in Irak zouden zijn.

Al deze factoren hebben ertoe bijgedragen christenen zover te brengen dat ze voelen dat hun waardigheid wordt aangevallen, hun vertrouwen verloren gaat, hun eeuwenoud bestaan ​​wordt bedreigd. En dit geldt ook voor hun lidmaatschap, geschiedenis, identiteit, geloof en taal. Sta mij toe een concreet voorbeeld te geven over de universiteit van Hamdaniya (Qaraqosh, een christelijke stad op de vlakten van Nineveh). Een academicus die niet tot deze stad behoort, is tot president benoemd. Hoewel we weten dat de kerk de universiteit heeft geholpen om door te gaan na de invasie van Daesh in dat gebied, en zelfs vandaag gebruiken de studenten die erbij zijn de hallen en gebouwen van de kerk als universitaire klaslokalen. En er zijn andere onplezierige en trieste voorbeelden zoals deze.

Christenen waren ongeveer 4 of 5% van de Iraakse bevolking. Ze waren met ongeveer anderhalf miljoen vóór de val van het regime van Saddam Hussein en ze waren een nationale, culturele, sociale en economische elite.

Maar sinds het begin van 2003 zijn ongeveer 1220 christenen gedood bij verschillende geweldsincidenten in heel Irak, waaronder religieuzen, gedood vanwege hun christelijke afkomst. En 23.000 christelijke eigendommen werden in beslag genomen, 58 kerken werden opgeblazen. Laat het duidelijk zijn dat geen van deze statistieken bevat wat de Islamitische Staat deed. Daesh, in werkelijkheid, verbrandde, ontheiligde, etc. alle kerken in Mosul en in de steden en dorpen van de vlakten van Nineve. En als gevolg van dit alles hebben een miljoen Christenen, van de miljoen en een half, Irak verlaten.

 

   De factoren die hen aanmoedigen om te blijven

 

Iraakse christenen en andere minderheden hebben behoefte aan geruststelling om in hun land te blijven, hun eeuwenoude aanwezigheid voort te zetten en hun bestaan met andere leden van de samenleving voort te zetten. Ze willen dat de regering naar hen kijkt met dezelfde ogen waarmee ze naar andere groepen kijken, waardoor ze voelen dat ze burgers van gelijke waardigheid zijn, zowel in rechten als in plichten. Omdat burgerschap, zoals we weten, niet gebaseerd is op religie en doctrine, maar op gemeenschappelijke grondslagen.

Christenen willen snelle en duidelijke oplossingen voor sommige kwesties, zoals: respect voor hun identiteit, diversiteit, de gebieden die historisch tot hen behoren (tegen pogingen tot demografische en etnische verandering), hun bescherming tegen elke dreiging, aanval of tegen elke wet die hen onderdrukt. Bovendien is er een grote behoefte om wederzijds vertrouwen tussen christenen en hun buren te herstellen in de gebieden die door Daesh zijn bevrijd, door middel van concrete procedures zoals: straf voor misdadigers, schadevergoeding ten gunste van slachtoffers, teruggave van eigendom aan rechtmatige eigenaars, verwijdering van mijnen uit hun velden, de reconstructie van hun huizen, en de verbetering van essentiële diensten, zodat ze naar huis kunnen terugkeren.

De huidige situatie vereist een precieze strategie om sociale rechtvaardigheid en gelijke kansen te bewerkstelligen. En het is heel belangrijk om te werken aan onderscheidingsvermogen, onderwijs, culturele opvoeding voor aanvaarding van elkaar en wederzijds respect tussen mensen die tot verschillende religies behoren. Dit alles moet worden gedaan in huizen, in plaatsen van aanbidding, op scholen, in boeken en schoolprogramma’s, en in de vorming van leraren. Ten slotte moeten we elke belediging of agressie tegen elke burger veroordelen, vooral als die wordt veroorzaakt door zijn religieuze, doctrinaire, etnische of seksuele geaardheid.


Chaldeeuwse Patriarch van Bagdad en president van de Iraakse bisschoppelijke conferentie


Eindverklaring van de Chaldeeuwse synode van 2018

Eindverklaring van de Chaldeeuwse synode van 2018

In antwoord op de uitnodiging van Patriarch Kardinaal Louis Raphael Sako, hield de synode van de Chaldeeuwse kerk haar ‘jaarlijkse bijeenkomst, 7-13 augustus 2018, in het hoofdkwartier van het Patriarchaat in Bagdad. Bisschoppen van verschillende bisdommen hebben deelgenomen, waaronder Australië, Amerika, Canada, Europa, Iran, Irak, Libanon en Syrië, rekening houdend met de zorgen en de hoop van hun mensen, in het bijzonder in de huidige situatie in Irak en de regio, evenals  met de uitdagingen waarvoor zij staan in de diaspora. De Synode bisschoppen begonnen de openingssessie door God te danken voor: de terugkeer van een groot aantal van de gevluchte christenen naar hun steden in de vlakte van Nineveh; de relatieve verbetering van de veiligheid in Irak en de pastorale prestaties in de bisdommen

Samenvattend brachten zij de volgende verklaring uit:

Ten eerste: kerkelijke zaken

Gespreksdeelnemers van de synode bespraken de situatie van hun bisdommen binnen en buiten Irak, ze kozen bisschoppen voor de openstaande bisdommen; bespraken hun behoeften, met name de dringende behoefte aan goed voorbereide priesters, nonnen en monniken, die de ‘oosterse identiteit’, cultuur en tradities van elk land zullen behouden; gericht op het lijden van christenen en hun medeburgers in Irak als gevolg van de ISIS-bezetting van Mosul en de steden in de Nineve Vlakte en de ontheemding van haar inwoners, bijkomend bij de achteruitgang van de politieke, economische en sociale situatie in Irak.

Aan de andere kant prezen de synodevaders de inspanningen van de kerken, die nog steeds hard werken om sociale en humanitaire hulp te bieden, naast het herstel van huizen om de terugkeer van de rest van de ontheemde families aan te moedigen. Daarom verzekerden de leden van de synode hun toewijding om Irakezen staande te houden en hen, ondanks alle uitdagingen, zoveel mogelijk bijstand te verlenen.

Bovendien riepen de synodevaders gelovigen op, waar ze zich ook bevinden, om standvastig en geduldig te zijn in het praktiseren van hun geloof en om het erfgoed van hun kerk en voorouders samen met de taal te handhaven. Ze danken ook oprecht alle kerkelijke instellingen en internationale civiele organisaties die hen steunden tijdens de lange lijdensweg van christenen : “Nu wij door zo’n menigte geloofsgetuigen omringd zijn, moeten ook wij de last van de zonde, waarin we steeds verstrikt raken, van ons afwerpen en vastberaden de wedstrijd lopen die voor ons ligt. Laten we daarbij de blik gericht houden op Jezus, de grondlegger en voltooier van ons geloof “(Hebreeën 12: 1-2 ).

Ten tweede: publieke zaken

Omdat de Iraakse christenen nog steeds wachten op de vorming van een sterke nationale civiele regering die hen en alle andere Iraakse burgers gelijkheid, vrijheid, democratie en fatsoenlijk leven biedt en die het pluralisme respecteert, ondersteunen de synodevaders de inhoud van de brief van HB aan Iraakse politici ten zeerste, gedateerd op 30 juli 2018. Samengevat: de inspanningen van de Irakezen, met name diegenen die een goede wil hebben getoond bij het opbouwen van nationale eenheid, de wijdverspreide corruptie hard aanpakken en zorgen voor de “correcte” werking van constitutionele instellingen om ijverig te werken aan het bevorderen van de Irakese economie en het bieden van kansen op werk voor de komende generaties, weg van quota en sektarisme. Ze eisen ook dat de overheid de ontheemde families helpt hun huizen te herstellen, hun infrastructuur te rehabiliteren, hun eigendommen te behouden en het proces van demografische verandering te stoppen. Tegelijkertijd sporen ze de internationale gemeenschap aan om hen te helpen een fatsoenlijk en veilig rendement te behalen.

Tot slot willen de synodevaders dat de oorlog in Syrië en andere landen in het Midden-Oosten ten einde komt en dat iedereen zich inspant om een ​​eeuwige vrede in de regio te bewerkstelligen. Ze doen ook een beroep op de Verenigde Staten van Amerika en de Islamitische Republiek Iran om dialoog en diplomatieke middelen aan te gaan om onopgeloste problemen op te lossen in plaats van straffen op te leggen waar onschuldige mensen altijd de prijs betalen, vooral daar Irakezen reeds dertien jaar sanctie hebben ondergaan. Oorlogen en sancties zullen behalve negatieve, geen andere gevolgen hebben.

Ten slotte wensten de synodevaders het beste aan alle moslim zussen en broeders voor het aanstaande offerfeest en feliciteerden ze hun hartelijk en uitten ze hun oprechte wensen uit om samen te blijven leven in vrede, stabiliteit en liefde .

Paus Fransiscus benoemt Patriarch Louis Raphael Sako tot kardinaal

Paus Franciscus zal op 29 juni 2018 veertien nieuwe kardinalen creëeren, waaronder onze Chaldeeuwse patriarch Louis Raphael Raphael Sako.

Voor onze patriarch Louis Raphael Sako is dit een geschenk van de Paus aan de gehele Chaldeeuwse Kerk en een grote steun aan de christelijke minderheden in Irak, die vaak geconfronteerd zijn geweest met vervolgingen door terroristische groeperingen.

De kerkvader van de Chaldeeërs was geboren in Zakho (Noord-Irak) op 4 juli 1948. Hij studeerde in Mosul en werd tot priester gewijd in 1974. In 2003 werd hij tot aartsbisschop van Kirkuk gewijd. Hij was begin 2013 gekozen als nieuwe patriarch van de Chaldeeuwse Kerk.

Na de nominatie voor de Nobelprijs voor Vrede 2018 is dit een tweede bevestiging voor zijn goede inzet voor het streven naar een vreedzame samenleving in Irak.